Terug naar het overzicht
Grou en Drachten onder de bomen oppermachtig

Nagenieten onder het genot van een kopje koffie

Earnewâld 27 juli 2004 - “Se moatte hjir by Earnewâld mear baggerje. Der stiet fiersten te min wetter foar ús skûtsje. Dy sûget der suver yn wei.” De op en top Earnewâldster schudde op het terras van Princessenhof zijn wijze hoofd en beende vervolgens naar de prijsuitreiking. In de hal stond schipper Gerhard Pietersma te praten. Zijn lach was even breed als anders. De veertiende plaats op eigen water deed hem blijkbaar minder dan anderen denken.

Ondiepten
Maar om nu alles op die vermeende ondiepten te schuiven, gaat ons ook wat te ver. Gerhard moest in het nauwe water van de Folkertsleat tussen de collega-skûtsjes door laveren en dat gaat wel anders dan tijdens een oefentochtje er doorheen scharrelen. Nu kwam hij eerst met Joure in aanvaring en vervolgens met Lemmer. En hij zakte terug naar de rode lantaarnpositie. Die Folkertsleat was, overigens samen met de Langesleat en de heen en weer schiftende wind, in de ogen van veel schippers de grote “boosdoener”.

De eerste schepen mochten de boei in dat nauwe water nog net in een, of een paar, slag(en) aanlopen om vervolgens voor de wind “af te zakken” naar de Sânmar, prompt kregen de anderen de wind voor de kop en moest er gelaveerd worden. Met name Drachten en Grou profiteerden daarvan. Wanneer zij de terugweg hadden aanvaard, ging de rest kruisen en werd het verschil tussen de koplopers en de achtervolgers zienderogen groter. Drachten ging na de start in de Langesleat overigens eerst nog aan de leiding, maar al na anderhalve ronde veegde Grou het schip van Douwe Visser voorbij. En de voorsprong werd niet meer uit handen gegeven; sterker nog, Berend Mink bouwde haar steeds verder uit als ware hij aan het ploechjesilen.

Finishverschil
Leuk was de strijd daarachter tussen Sneek, Súdwesthoek (jawel, Meindert is er weer), Bolsward en de Halve Maan. Van dit viertal was uiteindelijk De Groot de verliezer, maar dat kwam vooral doordat hij naar finishplaats drie moest en zijn concurrenten een hoger nummer en daarom eerder een bordje kregen. Bolsward deed lange tijd op de vierde plaats goed mee, maar vergokte het zelf op de Sânmar. Terwijl de anderen, in dit geval had ook Heerenveen zich in het spel gemengd, een gestrekte koers voeren van landpunt naar landpunt, of, zo u wilt, van zomerhuisje tot zomerhuisje, koos Meeter voor een wat lagere koers. Hij dacht zo van de vrije wind te kunnen profiteren en vervolgens van het snel opsturen. Dat pakte verkeerd uit en Meeter kwam achter Sneek, Heerenveen en de Halve Maen terecht, Bij de finish kon hij de zesde stek vasthouden.

Tieren
Achter in het veld duelleerden Langweer, Leeuwarden en Woudsend. Een felle strijd, zo fel dat de anders zo gelijkmoedige Teake van der Meulen op een bepaald moment een boot met juryleden uit zijn blikveld tierde.

Daar tussenin voeren Huizum en Lemmer een constante race, hoewel Huizum ten opzichte van de startpositie twee plaatsen had moeten toegeven. Lemmer was eerst van negen naar twaalf gezakt, maar kwam uiteindelijk weer op de negende stek te liggen. Door de finish bij het bordje werd het zelfs een achtste plaats. Heerenveen leverde de beste prestatie. Als er een bolletjestrui zou zijn geweest voor de grootste sprong in de wedstrijd, zou Pieter Brouwer die om de schouders hebben gekregen. Hij zocht vanaf de veertiende startplek de vrije wind en lag in een ronde op de zevende plaats. Dankzij het verschil in finishposities wist hij uiteindelijk in een close finish met Douwe Visser Sneek, Halve Maan en Súdwesthoek de derde plaats te veroveren. En daarmee was voor de veertien schippers en hun bemanningen de laatste beproeving op de smalle wateren voorbij. Vanaf Terherne kunnen ze zelf zeilen en worden ze niet meer gezeild, zoals een van de schippers opmerkte. Dus dat belooft wat.

Sedekefakis

Henk Doevendans

Terug naar het overzicht