Terug naar het overzicht
Skûtsjesilers hebben liever geen Amsterdam

Nagenieten onder het genot van een kopje koffie

Elahuizen 3 augustus 2004 – Geef mij maar Amsterdam, staat ene Bart te blêren op het terras van wat vroeger het Kroegje heette, maar nu ’t Pakhuys. Ja, Pakhuis, maar wel heel sjiek en quasi oud met uy. Deze Bart schijnt een idolsachtige tv-serie voor Nederlandse liedjeszangers te hebben gewonnen. Het publiek zegt het niets. Het heeft weinig aandacht voor hem. Zelfs een manmachtige poging om via levensliederen van André Hazes aandacht te krijgen, en een bijna smekende poging om te gaan dansen, levert slechts een lauwe reactie op. Hij geeft de microfoon dan ook maar aan zijn geluidsman, een puisterige jongeman met een veel te grote zonnebril, die enkele Engelstalige crooners gaat kwelen. Bart kruipt achter de apparatuur met een biertje in zijn hand. Ja, dat is het lot van een artiest bij het skûtsjesilen bij Elahuizen.

Loon naar werken
Nee, dan die andere “artiesten”, de schippers en bemanningsleden, die hebben veel meer loon naar werken gekregen. Ze zorgden voor voortreffelijke reclame voor het skûtsjesilen. Met name Eldert Meeter en zijn ploeg die op een fantastische wijze de tweede overwinning in successie binnenhaalden. Laag starten, over bakboord, snelheid maken en proberen als eerste bij de bovenste boei zijn. Goed, dat Allard Sijperda even eerder bij dat merkteken was, dat mocht de pret niet drukken. Na de zege bij Woudsend was Eldert met plaats twee ook tevreden. Maar, in het eerste ruimwindse rak passeerde hij zowaar Joure en hij ging vervolgens uitlopen. De afstand tussen de twee koplopers werd groter en groter.

Van der Pol woedend
Ze waren dan ook bijna uit het zicht toen zich de grote confrontatie voordeed. Sneek rondde de boei, gevolgd door Drachten. Leeuwarden kwam met snelheid aanstormen. Vriend en vijand zagen dat er geen ruimte was voor Evert van der Pol, maar toch dook hij in het kleine “gaatje”. Gevolg: de boei werd geraakt. En dat betekende een extra rondje draaien. Maar toen was Drachten daar. En kwam de opsteker van Drachten achter de kraanlijn van het Leeuwarder skûtsje terecht. Drachten werd meegesleurd bij de boei vandaan. En dat was geluk bij ongeluk anders waren Meindert de Groot (SWH) en Ype van der Meulen (Woudsend) boven op het stuurloze Drachten geknald, want zelfs schipper Douwe Visser probeerde op het voordek de zaak te klaren. Toen de kluwen ontward was, en Leeuwarden begeleid door Drachten wegvoer, de rode vlag al bij het want, was er een grote scheldkanonnade vanaf de Rienk Ulbeszn Zwaga te horen, verbaal geweld dat zijn weerga niet kent. Van der Pol danste letterlijk op het achterdek van woede; zijn adviseur, die de trammelant had moeten voorzien, zat als een pakje pudding ineengedoken zich te verontschuldigen. Van der Pol keerde terug naar de volgvloot. Teleurgesteld en balend.

Spannende finish
Ondertussen ging het zeilgevecht door. Prachtige plaatsjes voor de fotografen leverde dat op: bruin zeilen, witte fokken, een strak windje, een blauwe lucht met witte wolken, wat wil je nog meer. Wel, spanning in de wedstrijd en die kwam. Boord aan boord kwamen de skûtsjes naar de boei. Wie ligt er in de gunstige binnenpositie achter Bolsward en Joure? Heerenveen? Woudsend? Lemmer, Sneek of de Halve Maan? Ype van der Meulen ziet dat hij Heerenveen moet laten voorgaan. Hij stuurt naar Lemmer en weet zich in de voorrangssituatie ten opzichte van Ale Zwerver te manoeuvreren. Zijn dat niet de nummers laatst en een na laatst van Woudsend, een dag eerder? Ze liggen nu vier en vijf. En we zien de opmars van Douwe Visser van Drachten. Vanaf de twaalfde plaats komt hij naar voren. Niet opvallend, maar wel zodanig dat hij bij de finish neef Douwe van Sneek weet af te troeven. Douwe Drachten wordt zeven en Douwe Sneek achtste.

Opstekerpuntje verschil
Maar daarvoor was er ook al zo’n spannend slot van de wedstrijd. Niet met Bolsward, want die lag ver voor, maar wel met Heerenveen en Joure. De laatste probeerde met de bakboord(voorrang)slag Heerenveen op de derde stek te houden, maar het skûtsje van Brouwer schoof het voorste deel van het schip een fractie, echt een fractie eerder, over de lijn.
Middels een tactische slag ging Jitze Grondsma Ale Zwerver en Douwe Visser nog voorbij. Daardoor liepen de beide koplopers in het klassement nog wat verder uit, al zijn de verschillen met de nummers drie en verder nog niet onoverkomelijk groot geworden.
Ondertussen dreigde er ook nog een protest van Gerhard Pietersma (Earnewâld) tegen Grou. Pietersma vond dat Mink niet correct gehandeld had bij de boei waar ook het “trelit” met Leeuwarden zich afspeelde. Uiteindelijk werd het in den minne geschikt, waardoor Mink nog enig zicht op de titel houdt. Tja, en dat laatste speelde zich af in de periode dat die Bart het publiek probeerde te vermaken, voor de prijsuitreiking. Toen was de echte skûtsjesfeer dus al verleden tijd. Want “Tulpen uit Amsterdam” en de “Brief voor mijn moeder”, kunnen nooit aan “Skûtsjesilen is myn nocht” tippen. En de skûtsjes waren al onderweg naar Lemmer waar ze vanwege een pretpakket door het dorp moesten varen. Overigens, de Sneker Pan zorgde ’s morgens tijdens de routebespreking voor een aangename verrassing. Schipper Douwe Visser kwam met zijn bemanning naar het palaver. En niet alleen met hen. Zeilend met zijn skûtsje dat pontificaal voor ’t Pakhuys werd afgemeerd.

Sedekefakis

Henk Doevendans


Terug naar het overzicht