Het kraakte op de Ie
Veenhoop 31 juli 2006 - Als het op de Veenhoop kraakt, dan kraakt het
goed. Dat bewees de wedstrijd van de eerste SKS-maandag bijzonder
nadrukkelijk. Earnewâld met schade naar de kant, de waterstang van de
opsteker was kapot, Huizum na een aanvaring met Heerenveen terug naar de
volgvloot.
Maar de grote klap kwam in de derde ronde toen Joure en Bolsward elkaar
op een minder vriendelijke wijze tegenkwamen. Joure voer aan de wind
naar de boei bij Iesicht, Bolsward kwam voor de wind bij die uitspanning
vandaan. Een fikse aanvaring was het gevolg. Bolsward ramde Joure
midscheeps en dat leverde veel schade op. Bolsward zag een groot deel
van de giek in het water verdwijnen, de kraanlijk knapte af en het
achterlijk van het zeil moest wordten los gemaakt. Joure was de opsteker
kwijt.
Het probleem voor Earnewâld ontstond toen de boei aan de Drachtster kant
van de Ee gerond werd. Hier werden Pietersma en zijn mannen weggezeild.
Eerder hadden ze al een probleem met Ale Zwerver en zijn Lemsters gehad,
want die zouden bij het ronden van de hoek aan het eind van het
Grietsmansrak niet voldoende ruimte hebben geboden. Gevolg, rode vlaggen
over en weer.
Eén schipper zag het allemaal van een steeds groter wordende afstand
achter zich gebeuren. Jitze Grondsma, zaterdag ook al winnaar bij Grou,
startte als eerste en arriveerde ook als zodanig. Wie vrije wind heeft,
profiteert daar ook op de Feanhoop optimaal van.
De strijd daarachter was aantrekkelijk, maar door het verschil in
startposities weinig overzichtelijk. Ulbe Zwaga zorgde voor een
constante opmars. Douwe Visser (Sneker Pan) verzeilde eerst in een
onmogelijke positie, maar haalde uiteindelijk toch nog een vierde
plaats. Neef Douwe op Grou voer weer als een sluipmoordenaar naar voren
vanaf een twaalfde startplek naar de tweede plaats.
Iedereen zag met genoegen hoe Meindert de Groot standhield in de
kopgroep, tot in de een na laatste ronde toen hij begon terug te vallen.
Het SWH-skûtsje finishte nog wel als vijfde, maar dat bleek later na
controle van de klokken toch een negende plaats op te leveren.
De wedstrijdleiding besloot om geen risico’s te nemen. Geen finish in
het Grietmansrak, maar tussen een extra boei bij het startschip en de
officiële DE-boei tegenover Iesicht.
Maar dan moeten de klokken wel worden vergeleken. Bij de start was de
tijd opgenomen en vervolgens bij de finish weer. Het verschil was de
gezeilde tijd en die verschillen bleken klein, zei wedstrijdleider Sipke
Jager.
Drie keer vergelijken van alle stopwatches leverde uiteindelijk de
volgorde op Halve Maen, Grou, Leeuwarden, Sneek, Lemmer (en dat was
afwijkend van wat het publiek had gezien), Woudsend, Heerenveen,
Drachten, Súdwesthoek en Langweer.
De behandeling van de protesten duurde lang. Niet verwonderlijk gezien
het aantal en de belangen die een rol speelden. Joure kreeg van de jury
gelijk en mag voor deze wedstrijd een gemiddeld aantal punten over de
overige invullen. Dat mag ook Earnewâld die door een aanvaring met
Lemmer in het begin van de strijd de waterstang bij de opsteker kapot
zag gaan. Lemmer werd dus net als Bolward gediskwalificeerd.
En dan was er nog Lodewijk Meeter die de strijd voortijdig moest
verlaten. Hij kwam in aanvaring met Heerenveen nadat hij de situatie bij
de wal niet goed had ingeschat. Bij die tik brak de borging van het
helmhout en dat zwiepte overboord. Meeter kon dus het Huizumer skûtsje
niet fatsoenlijk meer sturen en zocht de thuishaven op.





Naar boven |